Met maat Eelco schreef ik een opiniestuk voor NRC Handelsblad. Het moest helaas ingekort en werd geplaatst in de brievenrubriek van vrijdag 6 april. Hier voor de liefhebber de volledige versie. Raw and uncut:
Hebzucht is wat onze generatie definieert, zo betoogde Philip Huff in deze krant. Onzin, zowel de theorie als de praktijk laat een andere waarheid zien.
Huff betoogt dat de kern van het Westerse denken eeuwenlang de dialectiek was. Het denken vanuit twee polen: een these en een antihese. En sinds de val van de muur hebben we alleen nog maar het kapitalisme. “Er wordt ons amper een alternatief geboden,” zegt de schrijver over het ontbreken van een antithese voor het kapitalisme. Dat is an sich natuurlijk goed nieuws, want van de tot nu bedachte antithesen voor onze marktmaatschappij zijn weinig mensen gelukkig geworden. Of het nou fascisme, communisme of islamfundamentalisme is.
Maar volgens Huff heeft het verdwijnen van de dialectiek vervelende gevolgen. Want door het ontbreken van een antithese, en dus het monopolie van het kapitalisme, is “hebzucht onze enige grondtoon.” En we vinden dat wel prima, zo ademt het stuk van Huff.
Toch blijkt uit onderzoek iets heel anders. In het kerstnummer van De Groene Amsterdammer komt de Amerikaanse politicoloog Russel Dalton aan het woord. Hij introduceerde de term ‘nieuwe politiek’ voor politiek activisme dat losstaat van partijen en ideologie. “We hebben het dan over bedrijven boycotten of juist bepaalde producten kopen om politieke redenen. Over het verspreiden van ideeën en het opzetten van netwerken via internet en sociale media. (…) Over vrijwilligerswerk voor goede doelen of in arme landen. Het doneren of collecteren voor politiek gekleurde campagnes. Over het zoeken van een carrière bij een ngo om politieke redenen. (…) petities – in tegenstelling tot wat mensen denken, neemt dat gestaag toe sinds de jaren zeventig.’ Aldus Dalton in het weekblad.
Herkenbaar, dit is namelijk precies wat wij zien in onze omgeving. Natuurlijk, carrières, mooie reizen en een fijn huis zijn belangrijk. Vraag dat ook maar aan de Provo’s van toen. En, ja, ook wij kijken enigszins meewarig naar de inderdaad mallotige Occupy beweging, ook wij kregen spontane uitslag bij de aanblik van een boze werknemer met vakbondshoedje en fluit op een verregend Malieveld.
Maar dat betekent niet dat de hebzucht dan maar overblijft. Daltons voorbeelden zijn overal om ons heen te vinden. De geslaagde zakenman, die een slechter betaalde baan zoekt bij een NGO, de promovendus die ook een innovatieve social business in Tanzania runt en de ondernemer die een succesvolle fundraiser voor een weeshuis in Brazilië organiseert. Allemaal generatiegenoten van ons en van Philip Huff. Maar ook de populariteit van abonnementen op een kist met biologische groente, het overweldigende succes van goeden doelenactie Alpe d’Huzes en actiefilm Kony2012, laten zien dat onze generatie door meer wordt gedreven dan alleen maar hebzucht.
“En zingeving? Die koop je”, zo klaagt Huff. Maar is niet juist het feit dat er zoveel zingeving wordt gekocht, een teken dat we niet tevreden zijn met de hebzucht alleen. De populariteit van yoga, mindfulness en het tijdschrift Happinez, wat je er ook van vindt, laat zien dat we op zoek zijn naar meer dan een mooie auto en weer een weekendje Londen.
Wat Occupy niet begreep is dat je met actiemethoden uit de jaren ’60 de huidige generatie niet meer meekrijgt. Maar dat wij geen zin meer hebben om wekenlang met een tentje op de Dam te staan, wil niet zeggen dat we met het verdwijnen van de antithese, ook het idealisme is vergaan.